door Theo Hakkert


Twee jaar en twee weken geleden stond Tyler Childers twee avonden in Paradiso. Het was niet de eerste keer dat hij in Nederland was. ‘Die allereerste keer waren er tweehonderd,’ zei hij zaterdag. Hij ging er even bij zitten, wat hij een enkele keer deed, op een stoel die dwars op het podium stond, achter de pedal-steel, en vervolgde op een mooie triomfantelijke toon: ‘En kijk nu eens.’ Zesduizend liefhebbers in de AFAS. Opvallend jong ook nog eens. Hoe groot country is; hoe dat onderschat wordt in Nederland.

IJzerenheinig doorgaan met waar je in gelooft, hoe vreemd sommigen jouw strapatsen ook vinden, dat is het verhaal van Tyler Childers (34). Uit Kentucky komt hij, homeland van bluegrass, maar die is alleen nog diep onderin de muziek te horen. Voor Childers geen grenzen. Gospel, country, rock, soul – the works. Hij is gezegend met een bijzonder krachtige stem die het moeiteloos twee uur volhoudt. Heel slim van hem om tussen twee concertsteden altijd een paar dagen rust te nemen. Hij, zijn zeven-koppige band en entourage waren donderdag al in Amsterdam.

Can I Take My Hounds To Heaven?

Strapatsen? Om maar eens wat te noemen: hij bracht in 2022 een driedubbel album uit, getiteld Can I Take My Hounds To Heaven? Met slechts acht liedjes. Te beginnen met een cover van ‘The Old Country Church’ van Hank Williams. Maar die acht kregen elk drie uitvoeringen. Op elke schijf stond een andere versie. In de basis waren het gospelsongs, maar op de derde schijf zaten ze ineens vol samples en remixes. Voor country die-hards was dat slikken. Gevraagd naar een reactie op deze opmerkelijke actie zei zijn collega Zach Bryan: ‘Tyler is Tyler’.

Een ander voorbeeld: ‘Jersey Giant’. Mogelijk een van zijn beste liedjes. Hij schreef het in 2012, maar nam het nooit op. Op geen plaat te vinden. Hij had zich ontwikkeld, zei hij, het liedje was van toen. Gezegd wordt dat het bovendien over een oude liefde gaat en niet zijn vereerde Lady May. Hij was het ontgroeid, zoals je een lievelingsjas ooit ontgroeit, maar wel de goede herinneringen eraan bewaart. Recent werd het opgenomen door Elle King, Sam Barber en Josiah and the Bonnevilles. En wat deed Childers op deze tour? ‘Jersey Giant’ spelen, de jas paste hem weer, de mottenballen hadden hun werk goed gedaan.

Grillig? Ja, maar op een goede manier. Waarom het ene lied wel – ‘Jersey Giant’ – en het andere – ‘Country Squire’ – niet? Hij heeft gewoon veel om uit te kiezen. En dan heeft hij ook nog principes. Zo zal hij nooit meer ‘Feathered Indians’ spelen. Discriminerend.
Enzovoort. ‘Tyler is Tyler’.

Tyler Childers’ “On The Road”

Er is nog een ander linkje met Zach Bryan. Tyler Childers was – de Europese tour is afgelopen – op pad met een grote show. Anders dan in Paradiso, waar hij een strak ‘hillbilly rock’-concert gaf, had hij voor de grotere zalen bij elk nummer een video laten maken. Met live-beelden daarin verwerkt, state of the art. Ook niet wat je meteen associeert met country, maar Tyler is Tyler.

Het eerste beeld is een soort testbeeld: Tyler Childers’ “On The Road”. In jaren 50-stijl, de eerste jaren van de televisie.
‘On The Road’. Zach Bryan heeft recent voor 12 miljoen dollar de scroll gekocht van de roman On The Road van Jack Kerouac. Nadat hij eerder al een groot pand had gekocht om er een Kerouac-museum in te vestigen. Mooi hoe deze generatie country-artiesten bezig is hun komaf te eren en te conserveren. Ze weten waar ze vandaan komen.

Hondsdolheid en Universal Sound

Wat volgde was een brede selectie van het oeuvre. Vlotte, swingende liedjes, afgewisseld met liefdesliedjes. Zo kwam ‘All You’rn’ al vroeg in de set. Uiteraard speelde hij ‘Bitin’ List’, het lied over hondsdolheid. ‘If I ever get rabies you’re on top of my biting list’. Voor dit nummer ontving hij dit jaar een Grammy.

Molly Tuttle had het voorprogramma verzorgd. Ze speelde op twee nummers mee, en in het vurige ‘House Fire’ niet zachtzinnig. Ze had ooit, zei ze, naar Kentucky willen verhuizen, waar de bluegrass vandaan komt en ‘groot’ is. Tyler Childers is die fase allang voorbij. De titel van een van de laatste nummers, het schitterende ‘Universal Sound’, vat wat hij tegenwoordig speelt prachtig samen.
In welke zaal past hij een volgende keer nog?