Federico Fellini, Pier Paolo Pasolini, Donald Sutherland – tal van beroemdheden uit de Italiaanse filmwereld van de jaren zeventig lopen rond in The Silver Book, de tweede roman van Olivia Laing. Tijdens ‘de jaren van lood’ werken de grote regisseurs aan Il Casanova di Federico Fellini en Salò o le 120 giornata di Sodoma. De lijnen lopen door naar deze tijd. ‘Fascism never really went away.’
door Theo Hakkert
Op Netflix is een documentaire te zien over Hollywood, en in het algemeen de Amerikaanse filmwereld midden jaren zeventig: Breakdown: 1975. Over hoe ‘grote’ films als One Flew Over The Cuckoo’s Nest en Dog Day Afternoon uitdrukking gaven aan die woelige jaren. Er is veel kritiek op. De documentaire zou zich te veel op dat specifieke jaar richten. Films als Network en All The President’s Men worden ook aangehaald en die zeggen wellicht meer over de maatschappelijke veranderingen toen, maar ze werden ‘pas’ in 1976 uitgebracht.
Enfin.
Interessanter is dat in Europa, en destijds zeker in Italië, soortgelijke ontwikkelingen plaatshadden. De jaren zeventig, de excellente jaren van de Italiaanse cinema. Met ‘hoofdrollen’ voor regisseurs als Federico Fellini, Pier Paolo Pasolini, Bernardo Bertolucci, Ettore Scola, en met Luchino Visconti in zijn nadagen.
De jaren van lood, Die bleierne Zeit
Het is deze wereld waar de tweede roman van Olivia Laing in speelt: The Silver Book. Tegen de achtergrond van wat later ‘De jaren van lood’ is gaan heten. Voor Italië een zeer roerige tijd. Met de Rode Brigades. Met de ontvoering van en moord op oud-premier Aldo Moro in 1978 als een van de meest spraakmakende en trieste dieptepunten.
‘De jaren van lood’, naar Margaretha von Trotta’s Die bleierne Zeit – ook in Duitsland werd de film gezien en gebruikt om onderzoek te doen naar wat er van de geest van de jaren zestig over was gebleven in het decennium erna. Daar gaat The Silver Book aan voorbij, de roman eindigt niet met de moord op Moro, maar die op Pasolini, maar het is goed dat hier te noemen.
(tekst gaat verder onder foto)

http://www.chrisboland.com/essex-wedding-photographer/
Laing heeft een brisante, relatief korte episode gevonden, nota bene in 1975: de tijd dat Fellini aan Il Casanova di Federico Fellini werkte en Pasolini aan Salò o le 120 giornata di Sodoma. De twee grote cineasten die Italiaanse verhalen uit de achttiende eeuw naar hun eigen hand zetten. Pasolini nam de markies De Sade’s roman en verplaatste de handeling van de achttiende eeuw naar de Tweede Wereldoorlog, maar eigenlijk naar de eigen tijd (een Laing nog weer verder naar nu.) Fellini liet zijn eigen interpretatie los op de avonturen en levenswijze van Giacomo Casanova (1725-1798), die zo veel meer was dan een vrouwenverslinder.
Laing heeft een bijzondere man gevonden die Fellini en Pasolini aan elkaar verbond: ontwerper Danilo Donati (1926-2001) aan wie ze de roman mede heeft opgedragen. Donati werkte voor beide regisseurs als kledingontwerper en als setontwerper. Voor zijn aankleding van Il Casanova di Federico Fellini ontving hij een Oscar.
Ja, al deze personen zijn personages in Laing’s roman, ze lopen erin rond, worden mensen van vlees en bloed, voor zover dat gaat op papier, ze spreken met elkaar, werken, koken en eten, vrijen, leven, krijgen ruzie en leggen het bij – of niet. Maar voor de hoofdrol brengt Laing, zo lijkt het, een fictief personage naar voren. Nicholas, een jonge Londenaar die Engeland ontvlucht onder verdachte omstandigheden die nooit helemaal duidelijk worden. Hij heeft een homoseksuele relatie gehad met ene Alan, naar het schijnt een politicus. Chantage? Moord? Zelfmoord?
Nicholas wordt al schetsend in Venetië opgepikt door Danilo Donati die wel een creatieve assistent kan gebruiken bij de barokke kleding en sets die hij voor Il Casanova di Federico Fellini moet ontwerpen. In Rome, waar Danilo werkt op Cinnecità, het grote filmcomplex, worden ze minnaars en leven ze samen en worden ze Nico en Dani – zo lang hun relatie goed blijft.
Tegelijkertijd werkt Danilo aan de film van Pasolini. Laing schetst de karakters van Fellini en Pasolini niet uitgebreid, maar precies genoeg om een beeld te geven van hoe het er in de jaren zeventig aan toe ging in de Italiaanse filmwereld.
Pier Paolo Pasolini (1922-1975), de man met een scherp oog voor wat in de wereld speelde, die in woord en gebaar uitdrukking gaf aan zijn angst voor het systeem en het terugkerende, immer latente fascisme – en daar mogelijk de ultieme prijs voor moest betalen. Zijn dood, na een zoveelste avontuurtje met een jongen, op Ostia, de oude haven van Rome, is nog altijd niet opgehelderd. Een zedenmisdrijf? De maffia? Rechts-extremisten? Laing weet het ook niet, schrijft ze achterin.
Pasolini, volgens Laing: ‘A sexy god, an idolized brother-in-arms, a fox who raided the henhouse of the bourgeoisie.’
Federico Fellini (1920-1993), de man, de magiër, die zich weinig gelegen liet liggen aan de buitenwereld en zijn eigen fantasie uitleefde in excentrieke beelden. In die jaren daarvoor had hij al Roma en Amarcord gemaakt, ook met Donati als ontwerper.
Fellini, die Donald Sutherland koos als vertolker van Casanova en hem treiterde, kleineerde en uitdaagde. Het past zo mooi in het verhaal dat Sutherland kort daarvoor nog had gespeeld in Novecento, het vijf uur durende meesterwerk, uit 1976, van Bernardo Bertolucci over de staat van Italië in de twintigste eeuw, waarbij Sutherland net genoeg Italiaans had opgepikt om Fellini te begrijpen.
(onder de foto gaat de tekst door)

Foto: Jean-Pierre Dalbéra from Paris, France
De roman is, het laat zich raden, opgebouwd in filmische scenes. Over de filmwereld, waardoor het niet kan verbazen dat het een en al bordkarton is dat de lezer krijgt voorgeschoteld. Donati bouwde uiteraard voor een scene geen heel kasteel. Hooguit een achterwand van een salon en een plafond. Fellini speelde daar moeiteloos mee en liet het gewoon zien. Wie Il Casanova di Federico Fellini heeft gezien kan de fantastische scene niet zijn vergeten met Casanova in een roeiboot. Het water is geen water, maar overduidelijk plastic zeil. Landbouwplastic.
‘There is no such thing as the past‘
En dan is er de link naar de huidige tijd. Pasolini verplaatste dus het verhaal van De Sade’s roman van de achttiende eeuw naar de Tweede Wereldoorlog, Laing trekt de lijn door naar nu. Pasolini zegt in een gesprek met een vriend: ‘We are demonstrating that facts are immaterial in fascism, that truth is dead, that meaning is on a permanent migration’. Salò is ‘a state of mind, perhaps even now approaching in the rear-view mirror’.
Eerder al: ‘There is no such thing as the past. It constantly invades the present’ (…). ‘Fascism never really went away.’ Het is Laing’s manier om, ook al speelt The Silver Book in 1975, toch iets over deze tijd te zeggen, zoals ze dat ook deed in Crudo, de eerste roman (uit 2018), door toen al over onder andere Trump te schrijven.
De schrijfstijl is niet staccato, maar de zinnen zijn ook niet lang. Het tempo is heerlijk hoog. Laing wisselt geraffineerd van perspectief. Dan weer Nicholas, dan weer Danilo, ook gerust midden in een alinea, zoals regisseurs snel van beelden switchen in dialogen.
De gejaagde aanpak van Olivia Laing past heel goed bij het onderwerp. Niet een roman over een wereld van bordkarton en illusies verwijten dat -ie zelf van bordkarton is. En je wil meteen al die Italiaanse films weer bekijken.
Olivia Laing: The Silver Book
248 p’s. Hamish Hamilton