Interview met The Right Reverend Crow, die het verhaal
terug wil brengen in de blues. Over compassie, diepvriesboontjes en de verdeeldheid in de VS
Na vijf jaar muzikale stilte keert de uit Signal Mountain, Tennessee afkomstige singer-songwriter Nathan Bell deze week terug met het album Demokracy Blues. De plaat markeert qua geluid een duidelijke breuk met zijn eerdere werk en verschijnt onder de naam van alter ego The Right Reverend Crow. De release valt bovendien samen met een reeks optredens in Nederland, België en Duitsland, waarbij hij voor eerst sinds zijn jonge jaren de podia weer met een band beklimt. ‘Liefde, hoop en optimisme laten zich niet vermoorden.’
door Marcel Pullen
‘The Right Reverend Crow ontstond een aantal jaren geleden als een soort protest’, vertelt Bell. ‘Destijds konden mensen uit de lhbtq-gemeenschap in delen van de Verenigde Staten niet trouwen. Ik wilde als een soort atheïstische priester toch iets voor hen betekenen. Maar uit die naam komt ook het beeld naar voren van rondreizende preachers die je vroeger veel had. Dat waren geestelijken, maar ook verhalenvertellers. Met mijn liedjes wil ik dat ook zijn. The Right Reverend Crow is daarmee een eerbetoon aan een lange traditie waaruit blues en soul zijn voortgekomen.’
In de jaren ’10 maakte Bell meerdere platen kort achter elkaar. Dat er nu zo’n lange tijd tussen zat was geen bewuste keuze. ‘Deels wijt ik dat aan een na-effect van de pandemie. Die periode gaf me de mogelijkheid me te heroriënteren op m’n muzikale vervolgstappen. Ik wilde niet opnieuw een singer/songwriter-plaat maken, maar wist ook niet goed welke kant ik wel op zou willen. Toen ik dat duidelijk had, ging het ook snel. Uiteindelijk leverden de sessies voor Demokracy Blues genoeg materiaal op voor twee platen. Na de komende tour gaan we dan ook snel aan de slag om de overige liedjes uit te brengen.’
‘Amerika is in de kern conservatief en racistisch’
Bell voorziet zijn albums regelmatig van een ondertitel. Zijn vorige plaat Red, White and American Blues (2021) droeg de veelzeggende toevoeging It couldn’t happen here, een parafrasering van It can’t happen here, een roman van de Amerikaanse schrijver Sinclair Lewis. ‘Die zin toont voor mij de staat van verwarring waarin we ons bevonden, en nog steeds bevinden in Amerika. We dachten dat ons land niet kon afglijden naar een dictatuur, maar daarin heb ik me vergist. Amerika is in de kern conservatief en racistisch. De invloed van geld, tech en religie op ons politieke systeem is absurd. No way dat daarin een zwarte vrouw zelfs maar de geringste kans had om president te worden. En er is er een fundamenteel verschil in politieke loyaliteit. Republikeinen zijn bereid op de bad guy te stemmen om de macht te behouden. Democraten blijven thuis als ze twijfelen over hun kandidaat. Dat heeft uiteindelijk onze presidentsverkiezingen beslist.’
‘Je kunt de menselijke geest niet stoppen‘
De ondertitel van Demokracy Blues luidt There Is Always Hope, ontleend aan een gedicht van zijn vader, dichter Marvin Bell. ‘Uiteindelijk een optimist. Er zijn een paar mensen met te veel macht en te veel geld die de boel verpesten, maar je kunt de menselijke geest niet stoppen. Liefde, hoop en optimisme laten zich niet vermoorden.’
Die spanning tussen duister en licht is hoorbaar op de plaat. ‘Ja, het album klinkt donkerder. Dat is onvermijdelijk een verwijzing naar deze tijd en de situatie in mijn land. Maar zelfs in de verdeeldheid zie je mensen samen geweldige dingen doen. Misschien is het wensdenken, maar ik zie op dit moment een omslag in Amerika. Republikeinse kandidaten lijken alle lokale verkiezingen te verliezen, zelfs wanneer de tech guys hen met heel veel geld en middelen steunen. Mensen beginnen door te krijgen dat ze bedot worden door de macht van de financiële elite.
‘Sinds Stevie Ray Vaughn draaide blues
veeleer om instrumentale krachtpatserij
en raakten die verhalen ondergesneeuwd‘
Dat Bell voor een gruizig bluesgeluid koos, heeft echter niet zoveel met de tijdsgeest te maken. ‘Uiteindelijk ben ik muzikant, geen politicus. Ik speel mijn hele leven al blues, dus die bluesplaat moest er komen. In de traditie van de grote bluesmannen, en van bijvoorbeeld het Stax/Volt-geluid, maar tegelijk moest het een bluesplaat worden die geworteld is in het heden. Blues is een taal, en de verhalen die daarin verteld worden, gaan over mensen. Ik neem het hem niet kwalijk want hij was een fantastische muzikant, maar sinds Stevie Ray Vaughn draait blues veeleer om instrumentale krachtpatserij en raakten die verhalen ondergesneeuwd. Blues verdween daardoor bij jonge verhalenvertellers in de muziek van de radar. Maar tot in de cadans van hiphop hoor je de invloeden van die verhalenvertellende blues, gospel en soul terug. Mijn bluesplaat moest eigentijdse bluesliedjes bevatten, geen oude bluesliedjes in een nieuw jasje. Het moest blues zijn, maar geworteld in deze tijd, liedjes die de verhalen van nu vertellen. I’m a creator, not a re-creator.’
(tekst gaat onder de foto door)

‘Ik schrijf kleine liedjes vol compassie’
De nadruk op taal en zeggingskracht komt niet uit de lucht vallen, als zoon van de in Amerika beroemde dichter Marvin Bell groeide hij er mee op. ‘Er was altijd kunst in huis, en taal, literatuur, muziek.’ Toch koos hij er niet voor om in de voetsporen van zijn vader te treden. ‘Mijn vader was uitzonderlijk met woorden en verbeeldingskracht. Ik wist al snel dat ik hem daarin niet kon evenaren.
‘Als het gaat om het schrijven van liedjes, zijn er twee belangrijke lessen die ik van hem heb geleerd. De eerste gaat over het weglaten, schrappen en blijven schrappen in de tekst, net zolang tot alleen de noodzakelijke woorden overblijven. Ik schrijf kleine liedjes. De tweede les, en die is misschien nog wezenlijker, gaat over het belang van compassie. Er wordt gezegd dat ik protestliedjes schrijf. In goede protestsongs gaat het er niet om het voor de hand liggende luid en duidelijk verkondigen, maar geef je stem aan de mensen die ‘m zelf niet kunnen laten horen. Ik heb buren die conservatief zijn, die op Trump stemden. Dat zijn goede mensen, die het allesbehalve makkelijk hebben in het leven. Dus alleen maar gaan roepen dat ze niet deugen, doet hen geen recht. Je moet hun verhaal vertellen.’
Bell aarzelt over de vraag of jonge muzikanten tegenwoordig te weinig stelling nemen. ‘Het is ingewikkelder geworden. In de jaren zeventig was de toen veelal progressieve muziekscene vrij eensgezind, bijvoorbeeld over de Vietnam-oorlog. Nu zijn meningen, feiten en waarheden versnipperd. Bovendien is er zo’n overvloed aan informatie dat jonge artiesten misschien het idee hebben daaraan niets meer te kunnen toevoegen. Vaker hebben ze het gevoel die information-overload te moeten blokkeren, in plaats van er hun waarheid aan toe te voegen. En natuurlijk, vooral opkomende artiesten voelen misschien de angst zich uit te spreken. Mensen als Springsteen of Neil Young hebben daar minder last van, zij lopen geen risico meer hun carrière te schaden.’
Hij wees Townes Van Zandt waar
de diepvriesboontjes stonden.
‘Tot zover mijn Townes-verhaal’
Hoewel Bell onderdeel is van een muzikale traditie die voortkomt uit de country, folk, gospel, soul en blues, opereerde hij altijd enigszins buiten de gevestigde scenes. ‘Bijna alle muzikanten van mijn generatie hebben wel een verhaal over spelen met Townes Van Zandt. Toen ik in Nashville woonde, kwam ik hem wel eens tegen bij de supermarkt. Op een keer vroeg hij me waar de diepvriesboontjes stonden. Die heb ik hem gewezen. Tot zover mijn Townes-verhaal.’
‘Ik had nooit het instinct mensen te gebruiken om hoger op de carrièreladder te komen, I couldn’t weasel myself in. Het is dan ook vooral aan mijn platenlabel te danken dat ik telkens kan samenwerken met fantastische muzikanten. Ze moeten al jarenlang verlies lijden op mijn platen, maar toch wisten ze voor Red White and American Blues een aantal geweldige gastvocalisten voor me te vinden, zoals Patti Griffin. En ook met Frank Swart en Alvino Bennett, mijn begeleiders op Demokracy Blues en bij de komende tour, werk ik al een aantal jaren samen in de studio.’
(tekst gaat onder de foto’s verder)

Alvino Bennett, drums 
Frank Swart, bas
Daarmee voelt de komende tournee voor de veteraan die Bell is, als een nieuwe uitdaging. ‘Weet je dat ik sinds m’n 24ste nooit meer met een band heb getoerd? Er komt opeens veel meer op me af. Mensen verwachten dat ik vertel wat ze moeten doen, daar ben ik van nature niet zo goed in.’ Toch kijkt hij uit naar de concertreeks. ‘Ik hou van live spelen, maar eindeloos toeren in de Verenigde Staten is zwaar. Duizenden kilometers in een bus van het ene naar het andere optreden, dat is leuk als je twintig bent, maar niet op mijn leeftijd. Bij jullie zijn de afstanden klein, het is overzichtelijk. En met z’n drieën op het podium staan, samen muziek maken; iets mooiers bestaat bijna niet.’
Nathan Bell toert tussen 21 april en 3 mei door Nederland, België en Duitsland.
21/4 Den Bosch, 22/4 Haarlem, 25/4 Leusden, 26/4 Stadslab Almelo, 29/4 Oldenzaal, 30/4 Tilburg, 1/5 Oudebiltzijl, 2/5 Groningen, 3/5 Nijmegen.
Voor locaties zie: nathanbellmusic.com en www.luckydice.nl/nathanbell
