over Begin midden einde van Valeria Luiselli
door Theo Hakkert
Bij vroegwijze kinderen in de literatuur heb ik altijd zo mijn twijfels. Het is overduidelijk dat de auteur zijn eigen wijsheden bij jonge kinderen in de mond legt die vaak die slimheid op die leeftijd, hoe briljant hun geesten in opbouw ook zijn, niet kunnen hebben.
In de eerste twee delen van Begin midden einde, de roman van Valeria Luiselli (geb. 1983), had ik dat idee ook weer. In wat sterk lijkt, of moet lijken (of juist niet), op een autofictioneel boek van Luiselli, maakt de dochter van twaalf die geen naam krijgt opmerkingen die mij iets te wijsneuzerig voorkomen. Dat ze De Zee van Rachel Carson leest en nog een boel klassiekers uit de Griekse oudheid zoals Plinius I en II – nou, oké, het voordeel van de twijfel.
De dochter krijgt geen naam, de schrijfster in het boek wel: Manuela. Terwijl de overeenkomsten met het cv van Luiselli groot zijn. Met een niet zo prettige echtscheiding achter de rug reist ze met haar dochter naar Sicilië. Om opnieuw te beginnen, ergens, hoe dan ook. Tabula rasa – maar hoe doe je dat als plots alleenstaand mens met een geheugen, gevoel, een hart, je werk en een dochter?
Ze heeft kennis aan een Siciliaanse concertpianist en kan een tijdje in diens woning bivakkeren terwijl hij op tournee is. Haar gevoelens voor de man, tja, mwah. Maar vooralsnog heeft ze een plek. Komt tijd, komt toekomst, komt inzicht.

Wat een tref dat de Italiaan de volledige Loeb-collectie in huis heeft, de meer dan 550 delen omvattende verzameling klassieke teksten uit de oudheid, in rode en groene delen. Dat is heerlijk grasduinen, ook voor een twaalfjarige. Plinius I, Plinius II.
De dochter heeft zich daarnaast al snel vastgebeten in een kwestie die haar oma betreft. Deze Nanna heeft ooit, hier op Sicilië bij Romana del Casale, als medewerker van een archeoloog, een mozaïek achterover gedrukt met daarop een afbeelding van Proteus. Moet die mozaïek niet gewoon worden teruggegeven, vraagt het meisje op steeds dreigender toon.
Volgt een verhaal over Proteus, zoals er ook een verhaal volgt over de vraag ‘Waarom de klassieken?’ onder de titel ‘De aard van vorst’. Een bekend procedé bij een boek van Luiselli: essay-achtige interventies en intermezzo’s die de verhaallijn zowel onderbreken als van diepgang en achtergrond voorzien. Manuela schrijft ze, vaak terwijl de dochter slaapt – en soms bij haar in bed – terwijl ze werkt aan een roman. Ze bedenkt dat ze fragmenten moet opsturen naar haar moeder met de vraag ze te vertalen, want dat zou een methode kunnen zijn om beginnende dementie mee te bestrijden.
De pianist is wel even lief wanneer hij terugkeert in zijn woning, maar niet voor lang en al snel heeft Manuela genoeg van zijn idee van intimiteit. De handtastelijkheden worden precies dat: handtastelijkheden. Wegwezen. ’s Nachts sneaken moeder en dochter weg, met onder andere een aantal delen van ’s mans Loeb-collectie in hun koffer.
De vlucht krijgt een actueel tintje, in die zin dat ze hun weg moeten zoeken over een Sicilië waar de vulkanen vuur spuwen en dat in brand staat, zoals ook in de zomer van 2026 weer. Ondertussen heeft Manuela geen smoes of antwoord meer op het constante verzoek van de dochter om het mozaïek met Proteus terug te geven, wat uiteindelijk niet zo gemakkelijk is. Met de vuren van Sicilië in de rug weten ze contact te leggen met Vito, een vriend van hun moeder/oma. Samen dan maar de zee op.
Kort voordat het zover is dit intermezzo:
GETIJDENBEWEGINGEN
‘Het zit me al een tijdje dwars, besef ik, dat de stroom van mijn dochters herinneringen en de stroom van mijn verbeelding wellicht met elkaar versmelten en dat ik voorzichtiger moet zijn met het gebruiken van flarden van haar kindertijd om fictie te schrijven, omdat ik haar ervaringen aan het herschrijven ben op een manier die misschien onuitwisbaarder is dan haar werkelijke, oorspronkelijke herinneringen aan die ervaringen.’
En dan begint deel 3 – de drie delen zijn genoemd naar de winden op het eiland – en daar krijgt dit meta-niveau een volgende verdieping. Want daar neemt de dochter de cursor over. Haar moeder is nog niet verder gekomen dan deel 1 en 2 en gezien de branden zal ze daar ook niet meer zo snel aan toekomen. Zij schrijft het boek af terwijl moeder slaapt.
‘Of misschien zou ze het sowieso nooit hebben afgemaakt, misschien is ze bang of lui, of weet ze gewoon niet hoe ze het moet laten eindigen, of weet ze niet hoe het eindigt. Maar ik wel. Ik weet precies hoe het einde voelt, al ken ik nog niet alle details van het einde, omdat het nog niet is gebeurd.’
Ah, oké, op die fiets. De dochter heeft dus ook lustig gestrooid met een aantal van de essay-achtige interventies en zo de vorm van de roman mede bepaald.
Begin midden einde van Valeria Luiselli is een boek om zo schamper over te doen als hierboven gebeurt. Ondanks de prachtige stukken over familiale verbanden, de onzekerheid van Manuela na de echtscheiding, haar drang om het leven vast te houden door het vast te leggen, dat leven te formuleren in haar kunst, inclusief de vertwijfeling rond verlies en verantwoordelijkheid. Met als contrast de nuchterheid van de dochter. En niet te vergeten de fraaie passages over Sicilië – de vismarkt van Catania!

Tegelijk zit het vrij geniaal in elkaar. De prikkelende waarom-vragen van de dochter, de speurtocht van de moeder naar een nieuw begin, ook voor haar dochter, die gewoon verder leeft, het is heel geraffineerd gedaan. Deze lezer ging in deel 3 gewoon mee, in de wetenschap dat al die wijsheden dus inderdaad en uiteraard bij de auteur vandaan kwamen. Wat uiteindelijk ook weer niet zo duidelijk is, want het Dankwoord begint zo:
‘Dit boek had niet geschreven kunnen worden zonder de stem, de niet-aflatende steun, de sprankelende verbeeldingskracht en de enorme intelligentie van Maia Enrigue Luiselli.’*
Waar de moeder eindigt en de dochter begint, waar ze samenvallen of verschillen, in zowel de roman als de werkelijkheid, we zullen het niet weten. En dat is goed.
Dat de roman schampt langs die werkelijkheid wordt duidelijk door 35 pagina’s achterin met polaroids, ansichten en tekeningen. Een visuele soundtrack bij een uitzonderlijke roman.
Valeria Luiselli: Begin midden einde.
Vertaling: Molly van Gelder en Nicolet Hoekmeijer.
352 p’s. Das Mag.
Foto in de header: Hervé Simon
* Valeria Luiselli is getrouwd geweest met schrijver Alvaro Enrigue