Veel activiteit rond Georges Perec. Ellis Island is in vertaling verschenen, een boek met de teksten voor een film over het eiland bij New York, en een Duitstalige tekst van een hoorspel komt binnenkort. Ook is De dingen opnieuw uitgegeven, zijn debuut uit 1965. ‘Kunt u een beschrijving geven van een man die van macaroni houdt?’
Geen wonder dat Georges Perec na zijn debuut – voor eerdere pogingen vond hij geen uitgever – als socioloog werd gezien. Dat debuut, in 1965, was de roman De dingen. Een roman zonder dialogen, dat kan, maar alleen beschrijvingen werkt al afstand in de hand.
Voeg daaraan toe dat hij het stel Sylvie en Jérôme portretteert als exponenten van hun generatie. Diepe karakters worden ze niet. Over hun jeugd en afkomst meldt Perec weinig. Ook krijgen Sylvie en Jérôme ieder slechts weinig eigen ruimte. Pas in het tweede deel, waarover zo meer. Ze worden vrijwel de hele roman door met de afstandelijke duonaam ‘ze’ beschreven, als stel. Ze staan dus voor hun generatie, de net afgestudeerden van begin jaren 60.
Materialisme en reclame
Frankrijk is in de ban van de Algerijnse bevrijdingsoorlog, de tijd ook waarin materialisme opkwam, aangejaagd door steeds creatievere en dwingende reclame. Er was geld, er waren dromen. Dromen waar niet genoeg geld voor was, helaas, maar omdat status werd bepaald aan de hand van bezit, werden die dromen wel steeds nagejaagd. Door de hele generatie, die bevriend waren en grotendeels dezelfde dromen van materiële vooruitgang najoegen – waarbij Sylvie en Jérôme vooral antiquairs bezochten, daar zat dan nog hun eigenheid.
Ze worden reclame-enquêteurs. Wat net genoeg geld binnen brengt om het hogere milieu te bereiken waar ze toegang tot willen. Steeds zoeken ze de balans tussen wat moet – werken, geld verdienen – en wat ze eigenlijk willen – zich meten met hun vrienden, elke dag naar de film, fijne boeken. Typisch Perec, zo zou uit latere boeken blijken, is dat hun woningen te klein zijn om hun relatieve rijkdom (die ze overschatten) te herbergen.
Een man die van macaroni houdt
Het zijn de jaren dat het marktonderzoek een vlucht neemt en de reclame opkomt: het voorspiegelen van hebbedingen en overbodigheden. ‘In de wereld die de hunne was, was het bijna verplicht om altijd meer te verlangen dan je kon aanschaffen,’ schrijft Perec, hij was toen het boek verscheen 29 en kende die generatie van dichtbij en om hem heen.
De strooptochten van Sylvie en Jérôme bieden hem de kans zijn voorliefde voor lijsten en opsommingen te botvieren. Etalages van antiquairs met name, maar ook de lijsten met vragen die zij als enquêteurs stellen, met deze mooie: ‘Kunt u een beschrijving geven van een man die van macaroni houdt?’
(Moest denken aan de boekjesreeks ‘Wat zeg ik en hoe zeg ik het… in het Frans’ met daarin hoe je ‘Help, ik ben in de orkestbak gevallen’ uitspreekt. Maar dit terzijde.)
De dingen kent twee delen. Wars van het materiële, en omdat de reclamewereld geen zekerheid biedt, besluiten ze te vluchten – zo noemt Perec. Alleen de eerste twee hoofdstukken van deel 2 krijgen een titel. Het stel vertrekt naar Tunesië, maar de gehoopte baantjes in Tunis krijgen ze niet. Het wordt Sfax, en hier vindt Sylvie werk als onderwijzeres. Jérôme blijft werkloos en struint ontheemd door de havenstad. Uiteindelijk keren ze terug. Niet totaal gedesillusioneerd, maar wel van hun dromen ontdaan.
Perec heeft een generatie beschreven, vandaar dat hij als literair socioloog werd gezien. Toch moest ik zo nu en dan denken aan Annie Ernaux’ De jaren waarin ook zij het Frankrijk van deels dezelfde tijd beschrijft, alleen veel persoonlijker en met de Frans-Algerijnse oorlog als achtergrond. Perec zou uitgroeien tot dat niveau, met een heel ander soort literatuur, dat wel. Maar De dingen en De jaren, laat ik het zo zeggen: het is een mooi stel.
Georges Perec: De dingen. Vertaling: Edu Borger. Arbeiderspers.
Pas de tweede (gewijzigde) druk nadat de vertaling in 1990 was verschenen.