In de Twentse stad Goor is het deze maandag rambaldo. In de buurt van een basisschool is een wolf gesignaleerd. De scholieren moeten de pauze binnen blijven. Foto’s overspoelen social media. Er gaat een AI-fabeltje rond dat het dier zou zijn doodgeschoten en dat de verantwoordelijke man zou zijn aangehouden. De politie weet van niks. Het tekent de mythische status van de wolf. Tijd om terug te gaan naar het sprookje.
door Herman Sandman
Wie wolf zegt, zegt Roodkapje. De basis voor onze probleemrelatie met het dier is dat sprookje. Het beest staat daarin voor het kwaad en zo zien wij dat nog steeds, maar dat is een te eenzijdige interpretatie. Een wolf is een wolf, die doet wat een wolf doet. Je verwijt een reiger ook niet dat hij de goudvisjes uit jouw vijver opeet, of een lama dat hij je in de bek spuugt.
Er gebeurt van alles in het sprookje en het ligt zogenaamd allemaal aan de wolf, maar een kritische herlezing leert dat wij de hand in eigen boezem moeten steken. Bij de mens gaat zowat alles mis wat mis kan gaan.
Dat begint al met de moeder van Roodkapje die vraagt of zij haar zieke grootmoeder, die in een huisje diep in het bos woont, lekkere dingen wil brengen.
Vraag één: waar is de vader? Zijn de ouders gescheiden, wordt hij opgeslokt door het werk? Een onterecht onbelicht aspect. Een vader had zijn dochter kunnen brengen en dan was er geen dossier Wolf – Roodkapje geweest. Zonder een manfiguur als klankbord doet de moeder maar wat.
Merkwaardig ook de woonsituatie van oma. Hoezo, huisje diep in het bos? Natuurlijk, senioren willen zo lang mogelijk zelfstandig wonen en in de bijna onbetaalbare zorg wordt daar op gestuurd, maar waar zijn de instanties, waar is die zorgschil? Ligt dat hier serieus op het bordje van een meisje?
Het hele verhaal rond de wandeling is een opeenstapeling van menselijk falen. De moeder waarschuwt ‘op het pad blijven’, maar haar dochter is een kind en zij had moeten weten: die gaat bloemetjes plukken. Het is bijna uitlokken. En ja, dan verschijnt de wolf ten tonele.
Opmerkelijk is dat dan al wordt gerept van de BOZE Wolf. Het dier heeft nog niets misdaan. Integendeel, hij wijst Roodkapje waar mooiere bloemetjes staan. Wat voor hem pleit. Had de wolf van nature kwaad in de zin gehad, had hij haar direct verscheurd.
Maar dat deed hij niet. Hij is van gedachten veranderd. Waardoor is onduidelijk. Er is geen onderzoek gedaan, een casusanalyse ontbreekt. Feit is dat de wolf, wellicht hongerig van al dat gesjouw, misschien omdat iemand hem adviseerde in zijn eigen kracht te gaan zitten, besluit de grootmoeder op te eten.
Wat hij doet is niet chill, maar het kan niet anders of de grootmoeder of Roodkapje heeft gezorgd dat de wolf het kwijt raakt. En goed ook. Want het beest gaat in de kleren van grootmoeder in bed liggen. Een opmerkelijke actie, die kan duiden op een labiele geest. Wie jarenlang alleen in het bos zwerft gaat gekke dingen doen.
Of hij worstelt met zijn seksualiteit. De mens is net toe aan LHBTQIA, maar gender-flexibiliteit is vrij gewoon in de dierenwereld. Bij het zeepaardje draagt het mannetje de eitjes, anemoonvissen en baardagamen kunnen van geslacht veranderen en vrouwelijke gevlekte hyena’s hebben een penis en van hyena naar wolf is een kleine stap. Dit had gewoon bij een instantie op de radar moeten staan.
Roodkapje reageert daarna vrij bijzonder, heel naïef, zelfs voor een kind.
De wolf ligt in het bed van grootmoeder, verkleed als grootmoeder, maar Roodkapje heeft dat niet door. Kan zijn dat ze slechtziend is, ouders wachten doorgaans te lang met een bril voor hun kinderen, maar de wolf stinkt uit zijn bek als de VAM-berg op een hete zomerdag en zij merkt niks.
Nee, Roodkapje kijkt naar de armen. Ook heel raar. Mannen loeren bij vrouwen meteen naar borsten en billen en vrouwen bij mannen als eerste naar die prei in de broek en zij focust op de armen?
Roodkapje had na de reacties op observaties als ‘wat heeft u grote oren’, ‘wat heeft u grote ogen’, enzovoort onraad moeten ruiken en wegrennen, maar dat deed zij niet en ja, dan is het niet gek dat de wolf ook haar opeet.
De jager die Roodkapje en grootmoeder redt zien we als een held, maar er zijn mensen voor minder ontslagen zonder handdruk en vaststellingsovereenkomst.
Want hij is
A: onbekend met het feit dat een meisje alleen door het bos wandelt,
B: kent de thuissituatie van Roodkapje niet en
C: weet ook niet dat er een lone wolf in zijn werkgebied zit.
De jager loopt toevallig bij het huis van de grootmoeder langs en hoort het gesnurk van de verzadigde wolf. Wat hij daarna doet is goed, de buik opensnijden en de twee bevrijden, maar laat het vervolgens behoorlijk liggen.
In plaats van het dier te doden, stopt hij diens buik vol stenen zodat de wolf, dorstig door de volle maag, bij de put wil drinken en er voorover in valt. Een vorm van onnodig lijden waarbij het lot van de grote grazers in de Oostvaardersplassen in het niet valt.
Opnieuw een verkeerde inschatting. Zijn idee was: zo heeft niemand ooit nog last van de wolf, maar als dat zo was, dan lag er geen voorstel van de PVV over anticonceptie om de populatie te reguleren.
Het beest wordt in het sprookje neergezet als in- en in slecht. Onterecht. De mens moet het echt bij zichzelf zoeken. En nu het dier na dik 150 jaar weer in het land is kunnen we alsnog het juiste doen. Dat is: uit de buurt blijven. Dat is beter voor ons en beter voor de wolf.