Waarom Geke Mateboer elk jaar
Dokter Zjivago herleest
Er zijn mensen die rond kerst- en oud en nieuw nooit het kijken naar Sissi, Keizerin van Oostenrijk overslaan, bij mij tekent zich zo’n zelfde patroon af maar dan met boeken en in het bijzonder Dokter Zjivago, van Boris Pasternak. Maar waarom toch? Het is een helse kluif om te lezen, zelfs de prachtige vertaling uit 2016 van Aai Prins die ik nu weer lees is een opdracht, maar wel een die de bevrediging blijft geven van totaal verdwijnen in een verhaal.
door Geke Mateboer
‘Zjivago is een lofzang, op de individuele vrijheid van de mens en zijn vermogen om lief te hebben. Zjivago is ook een les in loslaten, in sterven en in de eeuwigheid verdwijnen’
Het waarom begint bij de dood van mijn vader in 1969 – hij werd 49, ik was negen jaar oud en een wanhopig kind in de eerste jaren zonder hem. Mijn vader was een te druk bezet zakenman om veel te hebben kunnen lezen, hoewel hij vaak genoeg tijd vond om ons voor te lezen en zo ons de liefde voor verhalen en boeken overbracht. Bij de boeken die hij naliet zat behalve Dickens ook Boris Pasternaks Dokter Zjivago. Het boek is na ruim een halve eeuw, op zijn reis door mijn leven helaas spoorloos verdwenen, maar ik kan het omslag nu nog uittekenen: de ruw geboetseerde kop van Zjivago (of van Pasternak zelf?), met magere hals en gewelfde lippenboog, tegen een witte achtergrond, de donkerrode titel. Omdat het boek verdwenen is weet ik niet zeker om welke druk het ging en uit welk jaar; zeker was het een Grote Berenpocket van uitgever A.W. Bruna & Zn, waarschijnlijk uit ’67 of uit ’65, en zeker was het de eerste vertaling in het Nederlands door Nico Scheepmaker.
Al die dingen interesseerden mij niet toen ik het rond mijn dertiende jaar begon te lezen, en ik moet er de helft niet van hebben begrepen [alleen al de verwarrende stortvloed van de telkens wisselende, Russische namen], het enige dat mij interesseerde dat ik las wat mijn váder had gelezen, en dat elk hoofdstuk, elke zin mij in contact brachten met hem. ‘Dit heeft hij gelezen’.
‘En nu lees ik het’. In Dokter Zjivago was ik weer samen met mijn vader. En ook nu weer hoor ik zijn stem in de prachtige zinnen weerklinken.
“Het was ijzig koud, de straten gingen schuil onder een dikke laag ijs, dik als de glazen bodems van gebroken bierflessen”
[Op dat moment was Larissa op weg naar het kerstfeest bij de Sventitskis, met de bedoeling om haar kwelgeest en misbruiker Komarovski neer te schieten.]
Met elke herlees-sessie openbaart zich meer chaos, meer rumoer, filosofie, morele erosie, politiek, meer liefde en meer pijn. Zjivago is een lofzang, op de individuele vrijheid van de mens en zijn vermogen om lief te hebben. Zjivago is ook een les in loslaten, in sterven en in de eeuwigheid verdwijnen. De dokter zelf wist dat als geen ander, toen hij zijn gedichten schreef in het ijspaleis Varykino waar hij, Joera, eindelijk maar zeer tijdelijk met Lara verenigd was in geest en lichaam. En het afscheid voorvoelt – terwijl hij net zijn schepper heeft bedankt voor de ‘reinheid van het bestaan’ – in het jammerend en treurig geluid van de wolven, de vier uitgerekte schaduwen aan de rand van een nachtelijk, maanbeschenen, besneeuwd veld, steeds dichterbij komend. Wolven, dat ontbrak er nog maar aan. En als Lara vertrekt, onder valse voorwendselen, met de leugenachtige Komarovski mee in een pijlsnelle slede weet hij: ‘Nooit meer zal ik je zien, nooit, nooit meer in mijn leven, ik zal je nooit meer zien’.
“Mijn heldere zon is ondergegaan, herhaalde iets in zijn binnenste.”
Tranen met tuiten. Tranen, die mij later ten enenmale ontbraken bij het zien van de film van David Lean (1965), met Omar Sharif, Julie Christie en Geraldine Chapman – wel mooi hoor, moet ik hebben gedacht, een episch liefdesverhaal, maar waar waren die oneindige lagen uit het boek gebleven?
(tekst gaat verder onder de foto)

een episch liefdesverhaal, maar waar waren die oneindige lagen uit het boek gebleven?’
En in de herkansing, de miniserie van Giacomo Campiotti uit 2002, met Keira Knightley en Sam Neill, was de ontgoocheling zo mogelijk nog groter, en sterker nog – ik meende dat het filmverhaal stikvol leugens zat. Leugens, leugens! De kleine Joera Zjivago stond weliswaar op een grafheuvel te huilen, maar dat graf was van zijn moeder! Niet van zijn vader! En zijn vader wás niet voor zijn ogen uit de trein gesprongen! De treinzelfmoord van Grigori Osipovitsj was waargenomen door de jongen Misja Gordon, Joeras latere vriend. Alles maar ongestraft verdraaien voor de film, mopperde ik. Wat zou mijn vader daarvan hebben gevonden? Maar je moet ook nooit een boekverfilming bekijken, dat levert alleen maar narigheid op. Alleen de schoonheid van Lara’s Theme, van Maurice Jarre uit de Lean-film, de balalaika’s, die mogen eeuwig blijven zingen in mijn hoofd.
“Drup-drup-drup roffelden de druppels op het ijzer van de regenpijpen en kroonlijsten. Het ene dak trommelde over en weer met het andere alsof het lente was. Het dooide. Achter het raam kletste de dooi honderd uit”
Chroesjtsjov moet zich de haren uit de kop hebben getrokken, zo vertelt Aai Prins in haar nawoord, toen hij eindelijk, in 1964, zélf Dokter Zjivago las. “We hadden het boek nooit moeten verbieden. Het is niet Anti-Sovjet”. Toen had zich al een geschiedenis voltrokken die leest als een vuile politieke thriller, waarin de CIA en de Nederlandse veiligheidsdiensten niet ontbraken. Getouwtrek om het subversieve manuscript, tussen een Italiaanse uitgever Fetrinelli en de Sovjet autoriteiten, de eerste vertaling in het Nederlands door Scheepmaker in 1957 en de toekenning van de Nobelprijs van de Literatuur aan Boris Pasternak in 1958. De ongekend smerige Russische haatcampagne die daarna aan zijn adres werd gericht. Boris gecanceld, zag af van de prijs, en terwijl men in het buitenland met de royalty’s geen kant op kon stierf hij, in 1960, armzalig en suspect gemaakt in eigen kring. Wat is er nieuw, onder de winterse zon?
Boris Pasternak: Dokter Zjivago
Vertaling: Aai Prins, gedichten vertaald door Margriet Berg en Marja WiebesUitgeverij G.A. Van Oorschot B.V.
ISBN 978-9028260733